ECLI:NL:GHAMS:2019:3345

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
30 augustus 2019
Publicatiedatum
13 september 2019
Zaaknummer
23-003353-18
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 lid 2 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verdachte niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens ontbreken grieven

Op 30 augustus 2019 heeft het gerechtshof Amsterdam uitspraak gedaan in het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter te Amsterdam van 17 september 2018. De verdachte, geboren in 1988, had beroep ingesteld tegen dit vonnis. Tijdens de terechtzitting in hoger beroep zijn geen schriftelijke grieven ingediend door of namens de verdachte, noch zijn er mondeling bezwaren geuit tegen het vonnis.

Het hof heeft de vordering van de advocaat-generaal in overweging genomen en vastgesteld dat er geen rechtens te respecteren belang bestaat dat een onderzoek in hoger beroep rechtvaardigt. Op grond hiervan is de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep, conform artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

De uitspraak is gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, bestaande uit de rechters M.L.M. van der Voet, R.D. van Heffen en B.A.A. Postma. Vanwege omstandigheden was mr. B.A.A. Postma niet in staat het arrest mede te ondertekenen. Het arrest is uitgesproken in een openbare terechtzitting.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven en belang.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-003353-18
datum uitspraak: 30 augustus 2019
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 17 september 2018 in de strafzaak onder parketnummer 13-162793-18 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] (Marokko) op [geboortedag] 1988,
adres: [adres].

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 30 augustus 2019.
Namens de verdachte is beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Door of namens de verdachte is geen schriftuur houdende grieven ingediend. Evenmin zijn mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Ook overigens is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak. Om die reden wordt de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M.L.M. van der Voet, mr. R.D. van Heffen en mr. B.A.A. Postma, in tegenwoordigheid van mr. S. Bonset, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
30 augustus 2019.
mr. B.A.A. Postma is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.