ECLI:NL:GHAMS:2019:3588
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Tussenarrest over comparitie en procedurele regeling in hoger beroep civiele zaak
In deze civiele zaak in hoger beroep tussen appellant en geïntimeerde heeft het Gerechtshof Amsterdam een tussenarrest gewezen op 1 oktober 2019. Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een of meer tussen partijen gewezen vonnissen. Het hof heeft de zaak op de rol ingeschreven en geïntimeerde is verschenen met advocaat.
Het hof ziet aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten met als doel het verkrijgen van inlichtingen, het beproeven van een minnelijke regeling en het bespreken van het verdere verloop van het hoger beroep. Hierbij kunnen mediation, bewijsvoering en rapportage door deskundigen aan de orde komen. Partijen worden verplicht in persoon of door een bevoegde vertegenwoordiger te verschijnen, samen met hun advocaten.
Daarnaast heeft het hof een aantal procedurele bepalingen getroffen, waaronder het opgeven van verhinderdagen, het indienen van het volledige procesdossier door appellant en het tijdig overleggen van stukken waarop partijen een beroep willen doen. Het hof houdt iedere verdere beslissing aan totdat de comparitie heeft plaatsgevonden.
Uitkomst: Het hof gelast een comparitie van partijen en houdt verdere beslissing aan.