ECLI:NL:GHAMS:2019:4143

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
19 november 2019
Publicatiedatum
20 november 2019
Zaaknummer
200.268.438/01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Comparitie gelast ter bevordering minnelijke regeling in civiele hoger beroepszaak

In deze civiele hoger beroepszaak tussen Ringers Beheermaatschappij B.V. (appellante) en ISTA Nederland B.V. (geïntimeerde) heeft het Gerechtshof Amsterdam besloten een comparitie van partijen te gelasten. Deze tussenuitspraak betreft een procedurele stap met als doel het verkrijgen van aanvullende inlichtingen, het beproeven van een minnelijke regeling en het bespreken van het verdere verloop van het hoger beroep.

Tijdens de comparitie kunnen onder meer mediation, bewijsvoering en rapportage door deskundigen aan de orde komen. Het hof heeft partijen opgedragen in persoon of vertegenwoordigd door een daartoe bevoegde persoon te verschijnen, samen met hun advocaten, voor de raadsheer-commissaris mr. A.P. Schoonbrood-Wessels. Tevens zijn termijnen gesteld voor het opgeven van verhinderdagen en het indienen van processtukken.

Het hof houdt iedere verdere beslissing aan en zal na de comparitie verdere stappen bepalen. Deze tussenuitspraak is uitgesproken op 19 november 2019 door de meervoudige kamer van het Gerechtshof Amsterdam.

Uitkomst: Het hof gelast een comparitie van partijen en houdt verdere beslissing aan.

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht
zaaknummer : 200.268.438/01
zaaknummer rechtbank : 7213243\CV EXPL 18-6276
arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 19 november 2019
inzake
RINGERS BEHEERMAATSCHAPPIJ B.V.,
gevestigd te Heerhugowaard ,
appellante,
advocaat: mr. B.J.H. Kesnich te Amsterdam,
tegen
ISTA NEDERLAND B.V.,
gevestigd te Schiedam,
geïntimeerde,
advocaat: mr. T.A. Vermeulen te Rotterdam.

1.Het geding in hoger beroep

Appellante heeft bij exploot geïntimeerde aangezegd in hoger beroep te komen van een of meer tussen partijen in de onderhavige zaak gewezen vonnissen, met dagvaarding van geïntimeerde voor dit hof.
De zaak is op de rol ingeschreven en geïntimeerde is bij advocaat verschenen.

2.Beoordeling

Het hof ziet aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten. Het doel is het verkrijgen van inlichtingen, het beproeven van een minnelijke regeling en/of het bespreken van het verdere verloop van het hoger beroep, waarbij onder meer mediation, bewijsvoering en/of rapportage door deskundigen aan de orde kunnen komen. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

3.Beslissing

Het hof:
bepaalt dat partijen in persoon respectievelijk, voor zover partijen rechtspersoon zijn, vertegenwoordigd door iemand die van de zaak op de hoogte en tot het geven van de verlangde inlichtingen in staat is en die bevoegd is (door schriftelijke machtiging of anderszins) tot het aangaan van een schikking, tezamen met hun advocaten zullen verschijnen voor het tot raadsheercommissaris benoemde lid van het hof mr. A.P. Schoonbrood-Wessels, die daartoe zitting zal houden in het Paleis van Justitie, IJdok 20 te Amsterdam, op een nader te bepalen tijdstip, tot het hiervoor onder 2 omschreven doel;
bepaalt dat partijen binnen 2 weken na heden op de rol van 3 december 2019 hun verhinderdagen en die van hun advocaten voor de eerstkomende 4 maanden kunnen opgeven, waarna het hof de dag en het tijdstip van de comparitie zal vaststellen, in welk geval behoudens klemmende redenen of overmacht geen uitstel van de comparitie meer zal worden verleend;
bepaalt dat de datum van de comparitie na aanbrengen in het roljournaal vermeld zal worden;
bepaalt dat appellante uiterlijk 4 weken na heden een kopie van het volledige procesdossier (de stukken van de eerste aanleg met inbegrip van de producties en de appeldagvaarding) in tweevoud zal indienen bij het hof (roladministratie – team handel);
bepaalt dat partijen uiterlijk 2 weken vóór de dag van de comparitie de stukken waarop zij voor het overige een beroep zouden willen doen, in kopie over zullen leggen door toezending aan het hof (roladministratie – team handel) en de wederpartij;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door J.C.W. Rang, J.W. Hoekzema en A.R. Sturhoofd en in het openbaar uitgesproken op 19 november 2019 in tegenwoordigheid van de griffier.