ECLI:NL:GHAMS:2019:4172
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verlenging uithuisplaatsing tweeling noodzakelijk voor hun verzorging en opvoeding
De zaak betreft de verlenging van de uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen, een tweeling, die sinds hun tien maanden oud zijn geplaatst in een pleeggezin. De moeder is in hoger beroep gekomen tegen de verlenging van deze uithuisplaatsing, stellende dat zij een positieve ontwikkeling heeft doorgemaakt en dat de tweeling weer bij haar zou moeten wonen. De gecertificeerde instelling (GI) verzoekt de verlenging te bekrachtigen vanwege blijvende zorgen over de opvoedingssituatie en het veilige hechtingsverband van de kinderen in het pleeggezin.
Het hof overweegt dat de tweeling een belast verleden heeft met huiselijk geweld en verwaarlozing, en dat de moeder psychische problematiek heeft die haar draagkracht beperkt. Ondanks een voorzichtige positieve ontwikkeling bij de moeder, zijn er nog steeds serieuze zorgen en ontbreekt het aan voldoende inzicht bij haar. De tweeling is veilig gehecht in het pleeggezin en woont daar langer dan bij de moeder.
De moeder ervaart het als een keuze tussen haar kinderen, maar het hof stelt dat het belang van de tweeling voorop staat. De uithuisplaatsing is noodzakelijk voor hun verzorging en opvoeding en moet worden voortgezet. De bestreden beschikking wordt daarom bekrachtigd en het verzoek van de moeder afgewezen.
Uitkomst: De verlenging van de uithuisplaatsing van de tweeling wordt bekrachtigd en het verzoek van de moeder afgewezen.