ECLI:NL:GHAMS:2019:776
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Tussenarrest over comparitie en procedurele voortgang in civiele zaak
In deze civiele zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen een of meer vonnissen van de rechtbank. Het hof heeft besloten een comparitie van partijen te gelasten met als doel het verkrijgen van inlichtingen, het beproeven van een minnelijke regeling en het bespreken van het verdere verloop van het hoger beroep. Hierbij kunnen mediation, bewijsvoering en rapportage door deskundigen aan de orde komen.
Partijen worden verplicht in persoon of via een vertegenwoordiger die bevoegd is tot het geven van inlichtingen en het aangaan van een schikking te verschijnen, samen met hun advocaten. Het hof heeft een lid tot raadsheer-commissaris benoemd die de comparitie zal leiden. Partijen moeten binnen twee weken hun verhinderdagen opgeven, waarna de datum van de comparitie zal worden vastgesteld. Tevens moet appellant binnen vier weken het volledige procesdossier indienen en moeten partijen uiterlijk twee weken voor de comparitie de stukken waarop zij een beroep willen doen overleggen.
De verdere beslissing in de zaak wordt aangehouden totdat de comparitie heeft plaatsgevonden. Dit tussenarrest is gewezen door de meervoudige kamer van het Gerechtshof Amsterdam en in het openbaar uitgesproken op 5 maart 2019.
Uitkomst: Het hof gelast een comparitie van partijen en houdt verdere beslissing aan.