Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[appellant sub 1] ,
[appellante sub 2]
Gerechtshof Amsterdam
Appellanten zijn in eerste aanleg betrokken tegen de bewindvoerder over het vermogen van wijlen [X]. Na het afwijzende vonnis is [X] overleden, waardoor het bewind eindigde. Appellanten brachten de appeldagvaarding echter uit aan de voormalige bewindvoerder, wiens bevoegdheid daarmee was geëindigd.
Appellanten stelden in hoger beroep dat zij de bewindvoerder persoonlijk aansprakelijk wilden stellen wegens onrechtmatig handelen tijdens het bewind. Dit was echter niet in eerste aanleg gesteld en is niet toelaatbaar in hoger beroep vanwege de tweeconclusieregel.
Het hof oordeelde dat de dagvaarding aan de verkeerde partij was uitgebracht en dat appellanten niet ontvankelijk zijn in hoger beroep. De uitzondering uit een eerder arrest is niet van toepassing omdat niet is gesteld dat de bewindvoerder de enige erfgenaam is.
Appellanten worden veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep. Het arrest is gewezen door het hof Amsterdam op 12 maart 2019.
Uitkomst: Appellanten worden niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het uitbrengen van de dagvaarding aan de voormalige bewindvoerder na diens overlijden.