Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in derdenverzet
- de Staat: conclusie van antwoord in het derdenverzet, tevens incidentele conclusie van antwoord ex artikel 843a Rv;
- de vader: akte houdende grondslagwijziging met producties;
- de Staat: antwoordakte grondslagwijziging;
- de vader: akte met een productie met bijlagen;
- de vader: akte met producties.
- de moeder: conclusie van antwoord tevens incidentele conclusie van antwoord ex artikel 843a Rv;
- de vader: conclusie houdende incident tot behandeling van de zaak achter gesloten deuren met producties;
- de Staat: akte houdende uitlating;
- de moeder: akte uitlating incidenteel verzoek ex artikel 27 Rv Pro;
- de vader: akte houdende (uitlating over vermeende niet-ontvankelijkheid), eisvermeerdering en overlegging producties;
- de Staat: uitlating over toelaatbaarheid akte bij brief van 4 oktober 2019;
- de moeder: uitlating over toelaatbaarheid akte bij brief van 7 oktober 2019.
2.Beoordeling
krachtens de wettegenover de vader werking heeft, in die zin dat de vader tegen zijn wil wordt betrokken bij nader onderzoek door de Raad. Dat heeft het hof immers in dat arrest niet bevolen. Het arrest bevat geen constitutieve beslissingen die rechten van de vader benadelen. In deze zin is ook een beroep op artikel 6 EVRM Pro ten deze niet aan de orde.