ECLI:NL:GHAMS:2020:174
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- G.W. Brands-Bottema
- C.E. Buitendijk
- W.K. van Duren
- Rechtspraak.nl
Intrekking kinderalimentatie wegens niet-biologisch vaderschap en terugbetalingsverplichting
De vrouw is moeder van een minderjarige zonder juridische vader. De man betaalde kinderalimentatie op grond van een beschikking uit 2010, maar bleek niet de biologische vader te zijn. De rechtbank trok de beschikking in en wees de vrouw terugbetalingsverplichtingen toe.
In hoger beroep betwistte de vrouw de terugbetalingsverplichting en stelde dat zij de alimentatie terecht ontving, terwijl de man stelde dat het bedrag onverschuldigd was betaald en volledig teruggevorderd moest worden. Het hof bevestigde dat de man niet de biologische vader is en dat de alimentatiebetaling onverschuldigd was.
Het hof oordeelde dat bij intrekking wegens niet-biologisch vaderschap geen redelijkheidstoets voor terugbetaling nodig is en veroordeelde de vrouw tot terugbetaling van €48.563,57. De kosten van DNA-onderzoeken werden gelijkelijk verdeeld, waarbij de vrouw €837,- aan de man moest betalen. Proceskosten werden gecompenseerd, waarbij elke partij de eigen kosten draagt.
Uitkomst: De vrouw is veroordeeld tot terugbetaling van €48.563,57 kinderalimentatie en gedeelde DNA-kosten, met ieder eigen proceskosten.