ECLI:NL:GHAMS:2020:2350
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens te late indiening en ongeschiktheid tegen tussenbeschikking
Partijen zijn gehuwd geweest en hebben twee minderjarige kinderen die bij de vrouw verblijven. Na ontbinding van het huwelijk ontstond een geschil over omgang en gezag. De rechtbank stelde onder meer dat omgang onder begeleiding van het Omgangshuis moest plaatsvinden en schortte de omgangsregeling op.
De man stelde hoger beroep in tegen deze beschikkingen, maar deed dit te laat voor de beschikking van 6 november 2018 en tegen de beschikking van 6 februari 2019, die een tussenbeschikking betrof waartegen geen hoger beroep mogelijk is.
Het hof oordeelde dat het hoger beroep tegen de beschikking van 6 november 2018 te laat was en dat het beroep tegen de tussenbeschikking niet-ontvankelijk moest worden verklaard. De man werd daarom niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep.
Uitkomst: De man is niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep wegens te late indiening en onmogelijkheid van hoger beroep tegen een tussenbeschikking.