ECLI:NL:GHAMS:2020:4130
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring hoger beroep wegens ontbreken grieven
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 19 juni 2019. Tijdens de terechtzitting op 6 januari 2020 heeft het hof vastgesteld dat door of namens de verdachte geen schriftelijke grieven zijn ingediend en ook geen mondelinge bezwaren zijn opgegeven tegen het vonnis. Daarnaast is niet gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat een onderzoek van de zaak zou rechtvaardigen.
Op verzoek van de raadsman van de verdachte heeft het hof de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep, conform artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Dit betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk wordt behandeld en het vonnis van de rechtbank Amsterdam in stand blijft.
Het arrest is uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, bestaande uit drie rechters, tijdens een openbare terechtzitting op 6 januari 2020.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven en een rechtens te respecteren belang.