ECLI:NL:GHAMS:2020:4131
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens ontbreken grieven
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van verdachte tegen het vonnis van de politierechter in Amsterdam van 1 april 2019. Tijdens de terechtzitting op 6 januari 2020 werd vastgesteld dat verdachte of zijn gemachtigde geen schriftelijke grieven had ingediend en ook geen mondelinge bezwaren had opgegeven tegen het vonnis.
Het hof constateerde voorts dat er geen rechtens te respecteren belang was bij het doen van onderzoek naar de zaak. Op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering werd de verdachte daarom niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, bestaande uit drie rechters, en is uitgesproken tijdens een openbare zitting. De beslissing betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk is behandeld en het vonnis van de politierechter ongewijzigd blijft.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het ontbreken van grieven.