ECLI:NL:GHAMS:2020:4132
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontnemingsvordering wegens hennepteelt en diefstal elektriciteit met motiveringsaanvulling
Het gerechtshof Amsterdam heeft in hoger beroep het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 13 februari 2018 bevestigd waarin betrokkene is veroordeeld voor hennepteelt en diefstal van elektriciteit. Tevens werd betrokkene verplicht tot betaling van een bedrag van €204.000,- aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
De verdediging stelde dat de hennepteelt pas in oktober/november 2015 was gestart, dan wel op 11 mei 2015 zoals uit de aangifte van Liander bleek, waardoor het aantal oogsten beperkt zou zijn. Het hof oordeelde echter dat de hennepteelt begon op 31 maart 2015, de dag waarop betrokkene het pand huurde en zijn eenmanszaak inschreef. Dit werd onderbouwd door verklaringen over de henneplucht en het energiecontract dat op 4 maart 2015 inging.
Het hof concludeerde dat, ook bij de subsidiaire datum van 11 mei 2015, er nog steeds vier oogsten mogelijk waren. De motivering van de ontnemingsperiode werd daarom aangevuld. Daarnaast bepaalde het hof de maximale duur van gijzeling bij niet-betaling op 540 dagen conform de nieuwe wetgeving per 1 januari 2020.
Het arrest werd uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 20 januari 2020.
Uitkomst: Het hof bevestigt de veroordeling voor hennepteelt en diefstal elektriciteit en legt de ontnemingsvordering van €204.000,- vast met een maximale gijzelingstermijn van 540 dagen.