Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Vonnis waarvan beroep
Bewijsoverweging
Oplegging van straf
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) weken.
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Gerechtshof Amsterdam
In hoger beroep is de verdachte veroordeeld voor medeplegen van de invoer van 81,5 kilogram qat, een voor de volksgezondheid schadelijke stof, met vol opzet. De verdachte reisde met een medeverdachte naar Nederland en voerde twee koffers mee, waarvan zij niet wist wat de inhoud was. Het hof acht het echter onaannemelijk dat zij niet wist dat zij qat invoerde, mede omdat zij de man voor wie de koffers bestemd waren niet kende en de hoeveelheid aanzienlijk was.
De verdediging voerde aan dat de verdachte niet wist van de aanwezigheid van qat en geen kwade kans heeft aanvaard, maar dit verweer werd verworpen. Het hof benadrukte dat een passagier verantwoordelijk is voor de inhoud van zijn bagage, tenzij bijzondere omstandigheden aannemelijk maken dat hij niet bekend was met de inhoud. Dit was hier niet het geval.
De rechtbank had een gevangenisstraf van 4 weken opgelegd, waarvan 2 voorwaardelijk. Het hof vernietigde het vonnis voor wat betreft de strafoplegging en legde een volledig voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 weken op, mede gelet op de jeugdige leeftijd en het ontbreken van eerdere strafbare feiten. De straf dient als stok achter de deur om herhaling te voorkomen.
De verdachte wordt veroordeeld op grond van de Opiumwet en het Wetboek van Strafrecht. De tijd die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, wordt in mindering gebracht op de straf. Het vonnis van de politierechter wordt voor het overige bevestigd.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 weken wegens medeplegen invoer van 81,5 kilogram qat.