ECLI:NL:GHAMS:2021:3308
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging afwijzing gezamenlijk gezag en omgangsregeling minderjarige
De zaak betreft het hoger beroep van de man tegen de beschikking van de rechtbank waarin zijn verzoek tot gezamenlijk gezag over zijn minderjarige dochter en uitbreiding van de omgangsregeling werd afgewezen. De vrouw oefent het gezag uit en de minderjarige staat onder toezicht van een gecertificeerde instelling (GI).
Het hof overweegt dat gezamenlijk gezag alleen kan worden toegekend indien ouders in staat zijn tot behoorlijk overleg en gezamenlijke besluitvorming, wat hier niet het geval is door de verstoorde relatie en het ontbreken van contact. Er bestaat een onaanvaardbaar risico dat de minderjarige klem of verloren raakt tussen de ouders. De veiligheid en stabiliteit van het kind hebben prioriteit, en de GI is terughoudend met contactherstel.
De omgangsregeling wordt bekrachtigd zoals vastgesteld door de rechtbank: één keer per week twee uur onder begeleiding. Uitbreiding wordt afgewezen vanwege zorgelijk gedrag van de minderjarige na omgangsmomenten, dat eerst nader onderzocht moet worden. De GI heeft de ruimte om de omgang te verruimen indien dit in het belang van het kind is. De verzoeken van de man worden afgewezen en de beschikking van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van het verzoek tot gezamenlijk gezag en wijst het verzoek tot uitbreiding van de omgangsregeling af.