ECLI:NL:GHAMS:2021:3504
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Openbaar ministerie niet-ontvankelijk wegens te late indiening appelschriftuur
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep van het openbaar ministerie tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 13 mei 2019. De verdachte was niet aanwezig en de raadsman voerde preliminaire verweren aan, waaronder het vermeende overlijden van de verdachte en de te late indiening van het appelschrift door het OM.
Het hof stelde vast dat er geen bewijs was voor het overlijden van de verdachte en verwierp dit verweer. Vervolgens oordeelde het hof dat het openbaar ministerie haar appelschrift twee dagen te laat had ingediend, wat een schending van artikel 410, eerste lid, Sv betekende. Ondanks de geringe termijnoverschrijding vond het hof dat het belang van het hoger beroep niet opwoog tegen de noodzaak om het verzuim te sanctioneren.
De door het OM aangevoerde redenen voor de late indiening werden onvoldoende geacht. Het hof verwees naar relevante jurisprudentie van de Hoge Raad en concludeerde dat het OM niet-ontvankelijk is in het hoger beroep. Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 14 juli 2021.
Uitkomst: Het openbaar ministerie is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening van het appelschrift.