ECLI:NL:GHAMS:2022:1949
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontbinding en schadevergoeding wegens niet-nakoming installatie keuken
In deze civiele zaak vordert geïntimeerde betaling en schadevergoeding wegens gebrekkige en niet tijdige oplevering van een keukeninstallatie door appellant. De rechtbank stelde vast dat appellant tekort was geschoten in de nakoming en veroordeelde hem tot betaling van €8.000 plus rente en proceskosten.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij niet in verzuim was gesteld, geen gelegenheid had gekregen om gebreken te herstellen en dat geïntimeerde haar recht op schadevergoeding had verwerkt. Het hof oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij niet in verzuim was geraakt, mede omdat hij zich door een derde had laten wegsturen zonder dat deze gemachtigd was.
Het hof stelde vast dat geïntimeerde aanzienlijke kosten had moeten maken om alsnog een vergelijkbare keuken te laten installeren, en schatte de schade op €8.000, rekening houdend met het bruikbare gedeelte van de oorspronkelijke keuken. De grieven van appellant faalden en het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank, veroordeelde appellant in de proceskosten en verklaarde de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt appellant tot betaling van €8.000 schadevergoeding en proceskosten.