ECLI:NL:GHAMS:2022:3194
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Beschikking klaagschrift op beslag riem met Hells Angels gesp
Klager verzocht om opheffing van het beslag en teruggave van een riem met een Hells Angels gesp die in beslag was genomen in een strafzaak waarin hij was veroordeeld voor deelname aan een criminele organisatie. Het klaagschrift werd ingediend op 25 juli 2022 en behandeld in raadkamer op 25 oktober 2022.
Het hof oordeelde dat de riem niet op de beslaglijst stond die ten grondslag lag aan de verbeurdverklaring van andere Hells Angels kledingstukken. Er was geen machtiging tot vernietiging van het goed aangetoond. De Hoge Raad had het cassatieberoep van klager verworpen, waardoor de strafzaak onherroepelijk was geworden.
Het hof vond geen reden om aan te nemen dat de riem anders behandeld zou zijn dan de andere kledingstukken die wel verbeurd waren verklaard. Het bezit van de riem vormde geen strijd met de wet of het algemeen belang, noch was het een voortzetting van de verboden organisatie. Het klaagschrift werd daarom ongegrond verklaard.
De advocaat-generaal had gesteld dat de riem vernietigd was en niet teruggegeven kon worden, maar het hof kon dit niet vaststellen. De beschikking werd uitgesproken door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam op 8 november 2022.
Uitkomst: Het klaagschrift wordt ongegrond verklaard en de teruggave van de riem met Hells Angels gesp wordt geweigerd.