ECLI:NL:GHAMS:2023:1290
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep huur bedrijfsruimte: ontbinding wegens wanbetaling en coronakorting
In deze zaak gaat het om een geschil tussen [appellant], huurder van een bedrijfsruimte waarin een pizzeria werd geëxploiteerd, en Stichting De Blauwe Reiger, de verhuurder. [appellant] heeft in hoger beroep aangevochten dat hij gebonden zou zijn aan een huurverhoging per 1 juli 2019 en betwist de hoogte van de huurachterstand, mede vanwege de gevolgen van de coronapandemie.
De kantonrechter heeft de huurovereenkomst ontbonden wegens wanbetaling en verboden ingebruikgeving van het gehuurde aan de zoon van [appellant]. Tevens werd de huurachterstand vastgesteld en een verzoek tot huurvermindering wegens corona afgewezen omdat onvoldoende financiële gegevens waren verstrekt.
Het hof oordeelt dat [appellant] niet voldoende heeft gemotiveerd dat hij door dwaling tot de huurverhoging is gekomen en dat de indexering per 1 februari 2020 toelaatbaar is. Wel wordt de coronakorting deels toegewezen op basis van aanvullende stukken, waardoor de huurachterstand wordt verminderd tot 30 juni 2021. De ontbinding van de huurovereenkomst blijft gehandhaafd vanwege de wanbetaling en de verboden ingebruikgeving.
Het hof verklaart het hoger beroep tegen een tussenvonnis niet-ontvankelijk, bekrachtigt de tussenvonnissen van januari en mei 2021 en wijzigt het eindvonnis van juli 2021 voor zover het de huurachterstand betreft. [appellant] wordt veroordeeld tot betaling van de aangepaste huurachterstand, de huur tot de ontruiming en de proceskosten. Het arrest is uitgesproken op 9 mei 2023.
Uitkomst: Het hof wijzigt de huurachterstand tot 30 juni 2021, wijst ontbinding en ontruiming toe en veroordeelt appellant tot betaling van de aangepaste huur en kosten.