ECLI:NL:GHAMS:2023:1622
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot opheffing bewind afgewezen wegens blijvende noodzaak
De rechthebbende, geboren in 1957, is sinds 2016 onder bewind gesteld vanwege zijn lichamelijke en geestelijke toestand. Na verschillende wisselingen van bewindvoerder verzocht hij het bewind op te heffen, stellende dat hij schuldenvrij is en zijn financiën zelfstandig kan beheren. Tevens gaf hij aan dat zijn fysieke gezondheid verbeterd is en dat hij ambulante begeleiding ontvangt.
De kantonrechter wees dit verzoek af en het hof bevestigt deze beslissing na hoger beroep. Het hof oordeelt dat de medische situatie van de rechthebbende, waaronder PTSS, depressie en een verstandelijke beperking, nog steeds een voortdurende 24-uurs zorg en begeleiding vereist. Ondanks ambulante begeleiding is er geen geschikte woonplek gevonden die aan deze zorgbehoefte voldoet.
De bewindvoerder voert aan dat de taak verder reikt dan de beperkte ondersteuning die de stichting biedt, waaronder het beheer van financiële zaken en het regelen van uitkeringen. Het hof acht deze hulp noodzakelijk en concludeert dat de criteria voor opheffing van het bewind niet zijn vervuld. De bestreden beschikking wordt dan ook bekrachtigd.
Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van het bewind wordt afgewezen omdat de gronden voor bewindvoering nog steeds aanwezig zijn.