ECLI:NL:GHAMS:2023:217

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
31 januari 2023
Publicatiedatum
31 januari 2023
Zaaknummer
23-001640-19
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 422 Sv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging integrale vrijspraak bedreiging wegens ontbreken opzet en redelijke vrees

In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 18 april 2019 bevestigd, waarin verdachte werd vrijgesproken van bedreiging. Het hof heeft het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep op 5 augustus 2020, 24 augustus 2021 en 17 januari 2023 verricht.

De advocaat-generaal had een geheel voorwaardelijke taakstraf van 60 uur geëist, subsidiair 30 dagen hechtenis met een proeftijd van 2 jaar. Het hof heeft deze vordering afgewezen en de vrijspraak gehandhaafd.

Met betrekking tot het eerste feit heeft het hof een vervangende vrijspraakoverweging geformuleerd. Hoewel verdachte woorden in het Syrisch-Arabisch heeft geuit die mogelijk bedreigend kunnen zijn, is niet met de vereiste mate van zekerheid vastgesteld dat hij de opzet had om te bedreigen onder omstandigheden die bij het slachtoffer de redelijke vrees voor leven of zware mishandeling konden veroorzaken.

Daarmee is het hof van oordeel dat de bewezenverklaring ontbreekt en bevestigt het de integrale vrijspraak van verdachte.

Uitkomst: Integrale vrijspraak van bedreiging bevestigd wegens ontbreken van opzet en redelijke vrees.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-001640-19
datum uitspraak: 31 januari 2023
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 18 april 2019 in de strafzaak onder parketnummer 13-689165-17 tegen
[verdachte01],
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 1988,
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
postadres: [adres01] .

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzittingen in hoger beroep van 5 augustus 2020, 24 augustus 2021 en 17 januari 2023 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Het openbaar ministerie heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de raadsman en de verdachte naar voren hebben gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke taakstraf voor de duur van 60 uren subsidiair 30 dagen hechtenis met een proeftijd van 2 jaren.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal daarmee de integrale vrijspraak van de verdachte bevestigen met dien verstande dat het hof met betrekking tot feit 1 de navolgende vrijspraakoverweging in de plaats stelt van de vrijspraakoverweging van de rechtbank zoals opgenomen in het vonnis van 18 april 2019, onder paragraaf 4.3.

Vervangende vrijspraakoverweging feit 1

Voor zover al op basis van het dossier en het verhandelde ter terechtzittingen, in het bijzonder gezien hetgeen de daar gehoorde deskundigen hebben verklaard, zou kunnen worden geconcludeerd dat de door de verdachte in het Syrisch-Arabisch geuite woorden als bedreigend zijn aan te merken, is naar het oordeel van het hof niet met een voor een bewezenverklaring vereiste mate van zekerheid komen vast te staan dat de verdachte de opzet had op een bedreiging van dien aard en onder zodanige omstandigheden dat bij de aangeefster de redelijke vrees kon ontstaan dat zij het leven kon verliezen dan wel zwaar zou worden mishandeld.

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. P.F.E. Geerlings, mr. S.M.M. Bordenga en mr. L.F. Roseval, in tegenwoordigheid van mr. M.E. de Waard, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 31 januari 2023.
Mr. S.M.M. Bordenga is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=========================================================================
[…]