Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het verloop van het geding in hoger beroep
2.De feiten
3.De beoordeling
1-2018-0495 meer- en minderwerk € 6.991,00
1-2018-0545 meer- en minderwerk € - 291,61
in conventiegevorderd, kort gezegd, dat de kantonrechter de VvE veroordeelt tot betaling van € 22.801,59 aan hoofdsom (met wettelijke (handels)rente) en van € 984,05 aan buitengerechtelijke incassokosten, met beslissing over de proceskosten, inclusief nakosten en met wettelijke rente. De VvE heeft tegen deze vorderingen verweer gevoerd en van haar kant
in reconventiegevorderd, kort gezegd, primair dat de kantonrechter de aannemingsovereenkomst ontbindt en 020Bouw veroordeelt om binnen veertien dagen na betekening van het vonnis aan de VvE terug te betalen alles wat de VvE op grond van de aannemingsovereenkomst aan 020Bouw heeft betaald en subsidiair – indien en voor zover de kantonrechter gehele ontbinding niet gerechtvaardigd acht – dat de kantonrechter de aannemingsovereenkomst gedeeltelijk ontbindt en 020Bouw veroordeelt om aan de VvE terug te betalen een bedrag dat overeenkomt met de ernst van de tekortkoming(en) in de nakoming van de aannemingsovereenkomst door 020Bouw, met beslissing over de proceskosten, inclusief nakosten. 020Bouw heeft tegen deze vorderingen verweer gevoerd.
in conventiede VvE veroordeeld tot betaling aan 020Bouw van een bedrag van € 13.802,09 inclusief btw met wettelijke handelsrente aan hoofdsom en van € 913,02 aan buitengerechtelijke incassokosten alsmede de proceskosten (inclusief nakosten en met wettelijke rente) en het meer of anders gevorderde afgewezen. De kantonrechter heeft
in reconventiede vorderingen afgewezen en de VvE veroordeeld in de proceskosten. Tegen deze beslissingen alsmede de gronden waarop die beslissingen berusten komt de VvE in hoger beroep met vijf grieven op.
grief Ien
grief III tot en met grief Vslagen en dat
grief IIbuiten bespreking kan blijven.