ECLI:NL:GHAMS:2023:299
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep partneralimentatie na echtscheiding met aanpassing alimentatiebedrag
De vrouw is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland waarin de partneralimentatie werd vastgesteld op €835 bruto per maand. Zij verzocht om een hogere alimentatie van €4.468 bruto per maand, ingaande vanaf de datum van echtscheiding op 29 juli 2022.
Het hof stelde vast dat het inkomen van de man het beste kon worden bepaald aan de hand van de gemiddelde fiscale winst uit zijn onderneming over de jaren 2019 tot en met 2021, wat resulteerde in een netto besteedbaar gezinsinkomen (NBGI) van €9.616 per maand. Het hof oordeelde dat de extra aflossingen op de hypotheek niet in mindering mochten worden gebracht op het NBGI, maar dat de investering in de vakantiewoning wel als zodanig moest worden meegenomen.
De vrouw kon geen hogere verdiencapaciteit worden toegerekend dan haar huidige inkomen vanwege haar mentale gesteldheid en arbeidsomstandigheden. De draagkracht van de man werd vastgesteld op €4.672 bruto per maand. Na een jusvergelijking werd het alimentatiebedrag vastgesteld op €4.468 bruto per maand, waarmee de eerdere beschikking werd vernietigd en vervangen.
Uitkomst: De partneralimentatie wordt vastgesteld op €4.468 bruto per maand met ingang van 29 juli 2022.