Uitspraak
K
Procesgang
EUR 14.398,37aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
Gerechtshof Amsterdam
De betrokkene was in eerste aanleg veroordeeld voor computervredebreuk en oplichting, waarbij het openbaar ministerie tevens een ontnemingsvordering had ingesteld tot betaling van wederrechtelijk verkregen voordeel.
De rechtbank wees de ontnemingsvordering af. De betrokkene stelde hiertegen hoger beroep in. Het gerechtshof heeft in het hoger beroep de ontvankelijkheid van de betrokkene beoordeeld.
Op grond van artikel 511g van het Wetboek van Strafvordering en artikel 404 van Pro hetzelfde wetboek, waarbij tegen een vrijspraak geen hoger beroep openstaat, oordeelt het hof dat de afwijzing van een ontnemingsvordering gelijkgesteld moet worden met een vrijspraak.
Daarom verklaart het hof de betrokkene niet-ontvankelijk in het hoger beroep tegen de afwijzing van de ontnemingsvordering. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 23 maart 2023.
Uitkomst: Betrokkene is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep tegen de afwijzing van de ontnemingsvordering.