ECLI:NL:GHAMS:2023:834
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing huurrecht aan moeder vanwege hoofdverblijfplaats kind en aanpassing ingangsdatum kinderalimentatie
Partijen zijn in 1997 gehuwd en hebben drie kinderen, waarvan één minderjarig kind met hoofdverblijfplaats bij de vrouw. De rechtbank had de echtscheiding uitgesproken, het huurrecht toegewezen aan de vrouw en een kinderalimentatie van €25 per maand vastgesteld vanaf de datum van de beschikking.
De man kwam in hoger beroep tegen de toewijzing van het huurrecht en de ingangsdatum van de kinderalimentatie. Het hof bevestigde dat de Nederlandse rechter bevoegd is vanwege het internationale karakter en het verblijf van partijen in Nederland.
Het hof oordeelde dat het huwelijk duurzaam ontwricht is en bekrachtigde de echtscheiding. Het huurrecht werd toegekend aan de vrouw omdat het belang van het kind bij haar verblijft en zij samen met het kind in de woning blijft, wat in het belang van het kind is.
Ten aanzien van de kinderalimentatie stelde het hof vast dat deze al kan ingaan voordat de echtscheiding is ingeschreven. Gezien de gezamenlijke bewoning en financiële situatie werd de ingangsdatum van de alimentatie vastgesteld op 4 april 2023, de datum van de beschikking van het hof.
De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer in hoger beroep gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: Echtscheiding en huurrecht aan vrouw toegewezen; ingangsdatum kinderalimentatie gewijzigd naar 4 april 2023.