ECLI:NL:GHAMS:2023:885
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging machtiging uithuisplaatsing kinderen bij vader wegens noodzakelijkheid voor opvoeding
De zaak betreft een hoger beroep tegen een beschikking tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen bij hun vader. De moeder verzocht om vernietiging van deze beschikking en onmiddellijke terugplaatsing van de kinderen bij haar. De gecertificeerde instelling (GI) en de vader verzochten tot bekrachtiging van de beschikking.
De feiten tonen aan dat de kinderen sinds de echtscheiding van de ouders onder toezicht staan vanwege ernstige spanningen en een verstoorde verstandhouding tussen de ouders. De moeder werkte niet mee aan de zorgregeling en hulpverlening, waardoor de omgang met de vader werd belemmerd en de kinderen in een loyaliteitsconflict raakten. De vader werkt wel mee aan hulpverlening en omgangsregelingen.
Het hof oordeelt dat de uithuisplaatsing bij de vader noodzakelijk is in het belang van de opvoeding en verzorging van de kinderen. De moeder heeft onvoldoende medewerking verleend aan hulpverlening en omgang, wat een bedreiging vormt voor de ontwikkeling van de kinderen. De kinderen doen het goed bij de vader, die een voorspelbare en betrouwbare opvoedsituatie biedt. De machtiging wordt daarom bekrachtigd.
Uitkomst: De machtiging tot uithuisplaatsing van de kinderen bij de vader wordt bekrachtigd omdat dit noodzakelijk is voor hun opvoeding en verzorging.