ECLI:NL:GHAMS:2024:1076
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hof stelt zorgregeling vast voor contact tussen minderjarige en vader met hersenletsel
De ouders zijn gescheiden en oefenen gezamenlijk gezag uit over hun in 2018 geboren kind, die bij de moeder woont. De rechtbank had een zorgregeling vastgesteld waarbij het kind elk tweede weekend bij de vader verbleef. De moeder kwam hiertegen in hoger beroep omdat zij vreest voor de veiligheid van het kind door het gedrag van de vader, die kampt met niet-aangeboren hersenletsel en ernstige psychische problemen.
De vader erkent dat het contact moeizaam is en dat het kind niet met hem mee wil, terwijl de moeder vreest voor de veiligheid van het kind en geen vertrouwen heeft in de vader. De Raad voor de Kinderbescherming adviseert geen zorgregeling, maar benadrukt het belang van contact en het informeren van het kind over de problematiek van de vader.
Het hof concludeert dat het momenteel niet mogelijk is om het contact zoals door de rechtbank vastgesteld uit te voeren, maar acht het wel in het belang van het kind om ruimte te bieden voor contact. Daarom stelt het hof een zorgregeling vast waarbij het kind op zaterdagmiddag contact kan hebben met de vader, bijvoorbeeld bij de moskee, met de mogelijkheid van begeleiding door een derde. De moeder wordt geacht het kind te ondersteunen bij het begrijpen van de situatie van de vader.
De beschikking van de rechtbank wordt vernietigd voor zover het de zorgregeling betreft en het hof verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof stelt een zorgregeling vast waarbij de minderjarige op zaterdagmiddag contact kan hebben met de vader, met mogelijke begeleiding door een derde.