ECLI:NL:GHAMS:2024:1236
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging zorgregeling met opbouw en oplegging dwangsom voor naleving omgangsregeling kind
De zaak betreft een geschil tussen ouders over de zorg- en omgangsregeling voor hun minderjarige kinderen na beëindiging van hun relatie. De vader vordert herstel van het contact met het kind [kind 1] en vervangende toestemming voor inschrijving op wachtlijsten van gespecialiseerde centra. De moeder verzet zich tegen de spoedige herstelregeling en verzoekt schorsing van de uitvoerbaarheid.
Het hof bekrachtigt de zorgregeling met een opbouwschema voor de omgang tussen vader en [kind 1], waarbij de moeder wordt veroordeeld tot het naleven van de regeling en een dwangsom wordt opgelegd voor niet-nakoming. De dwangsom wordt beperkt tot het wekelijkse contactmoment op zondag om 10.00 uur en de zorgregeling zoals de bijzondere curator die in het belang van het kind acht. Het verzoek tot schorsing van de uitvoerbaarheid wordt afgewezen.
De vermeerdering van eis van de vader tot vervangende toestemming voor inschrijving op wachtlijsten wordt afgewezen omdat de bijzondere curator reeds onderzoek doet en binnenkort een rapport uitbrengt. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de zorgregeling met opbouw en legt een dwangsom op aan de moeder voor niet-nakoming van de omgangsregeling, terwijl het verzoek tot vervangende toestemming voor inschrijving op wachtlijsten wordt afgewezen.