ECLI:NL:GHAMS:2024:234
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hof wijst gezamenlijk gezag af en wijzigt omgangsregeling ten gunste van moeder en minderjarige
In deze zaak stond het verzoek van de vader centraal om gezamenlijk gezag te verkrijgen over zijn minderjarige kind, terwijl de moeder het eenhoofdig gezag uitoefende. Het hof heeft het verzoek van de vader afgewezen en het eenhoofdig gezag aan de moeder toegekend, omdat de ouders onvoldoende in staat zijn om gezamenlijk beslissingen te nemen en te communiceren over het welzijn van het kind.
De bijzondere curator rapporteerde dat de ouders niet constructief met elkaar communiceren en geen hulpverlening wensen, waardoor de minderjarige klem zit tussen de ouders. De vader heeft geen direct contact met de school en ontvangt weinig informatie over het kind, wat het gezamenlijk gezag bemoeilijkt. Het hof acht dit niet in het belang van het kind en vernietigt de eerdere beschikking die gezamenlijk gezag toekende.
Daarnaast heeft het hof de omgangsregeling gewijzigd. De vader heeft sinds enige tijd nauwelijks contact met de minderjarige, die behoefte heeft aan contact met zijn vader. Het hof legt een basisomgangsregeling vast waarbij de vader eenmaal per week omgang heeft, met voorafgaande afstemming over dag en tijdstip. Het hulpverleningstraject 'Bij Elkaar' wordt benadrukt om de ouders te ondersteunen bij het verbeteren van hun samenwerking en het herstel van het contact tussen vader en kind.
De moeder is verplicht om informatie aan de vader te verstrekken en wordt door haar advocaat ondersteund bij het opstarten van het hulpverleningstraject. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en de bijzondere curator wordt ontslagen.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot gezamenlijk gezag af en wijzigt de omgangsregeling tot één dag per week omgang van de vader met de minderjarige.