ECLI:NL:GHAMS:2024:2601
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontnemingsvordering na medeplegen diefstal met geweld
De betrokkene werd aanvankelijk integraal vrijgesproken door de rechtbank Amsterdam, maar bij arrest van het gerechtshof op 15 november 2021 veroordeeld voor medeplegen van diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld, gepleegd door meerdere personen. Vervolgens vorderde het openbaar ministerie ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
De rechtbank stelde het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €23.750 en legde de betrokkene de betalingsverplichting op. De betrokkene ging in hoger beroep tegen deze ontnemingsvordering. Tijdens het hoger beroep werd onder meer gedebatteerd over de waarde van het gestolen horloge en de verdeling van de opbrengst.
Het hof overwoog dat het gestolen horloge een waarde had van circa €110.000 en een geschatte opbrengst van €75.000. Hoewel de betrokkene verklaarde slechts chauffeur te zijn geweest en €5.000 te hebben ontvangen, achtte het hof deze verklaring ongeloofwaardig en kende het gewicht aan zijn belangrijke rol binnen het delict. Het hof paste een pondspondsgewijze toerekening toe en bevestigde het vonnis van de rechtbank, waarbij het wederrechtelijk verkregen voordeel werd vastgesteld op €25.000 en de betalingsverplichting op €23.750.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de ontnemingsvordering en legt de betrokkene een betalingsverplichting van €23.750 op.