ECLI:NL:GHAMS:2024:3286
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herstel ouderlijk gezag over dochter met complexe problematiek
De moeder verzocht het gerechtshof Amsterdam om haar te herstellen in het ouderlijk gezag over haar dochter, die sinds 2009 uit huis is geplaatst en kampt met hechtingsproblematiek, een verstandelijke beperking en traumagerelateerde problematiek. De procedure kende een lange voorgeschiedenis, met eerdere afwijzingen en verwijzingen door de Hoge Raad. Na verwijzing door de Hoge Raad werd de zaak voortvarend behandeld bij het hof.
Het hof stelde het belang van de minderjarige centraal en oordeelde dat herstel in het gezag niet in haar belang is. De moeder kon niet aantonen dat zij duurzaam de verantwoordelijkheid voor verzorging en opvoeding kan dragen, mede vanwege het ontbreken van inzicht in de interactie tussen moeder en dochter en de escalaties die telkens ontstonden bij verblijf bij de moeder. Het rapport van iMindU gaf onvoldoende duidelijkheid over de opvoedkwaliteiten van de moeder.
De moeder stelde dat zij slachtoffer is van de toeslagenaffaire en dat dit de oorzaak is van de problematiek, maar het hof oordeelde dat dit niet leidt tot een andere beoordeling van het verzoek. De moeder beschikte over een effectieve rechtsgang en haar klachten over het ontbreken van fair play werden verworpen. De voogdij blijft bij de gecertificeerde instelling, die de minderjarige begeleidt richting volwassenheid. De verzoeken tot beëindiging van ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing werden eveneens afgewezen.
Uitkomst: Het gerechtshof wijst het verzoek van de moeder tot herstel in het gezag over haar dochter af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank.