ECLI:NL:GHAMS:2024:3633
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens schending artikel 48 Sv in ontnemingszaak
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 19 november 2021, waarin de betrokkene was veroordeeld voor het opzettelijk handelen in strijd met artikel 3 onder Pro C van de Opiumwet en tot betaling van wederrechtelijk verkregen voordeel.
Tijdens het hoger beroep stelde het hof vast dat de raadsman van de betrokkene in eerste aanleg niet op de juiste wijze was geïnformeerd over de zitting, zoals vereist op grond van artikel 48 van Pro het Wetboek van Strafvordering. Dit vormde een schending van het recht op een eerlijk proces.
Als gevolg hiervan vernietigde het hof het vonnis in de strafzaak en wees de zaak terug naar de rechtbank Noord-Holland voor een nieuwe behandeling. Omdat de ontnemingszaak nauw verweven is met de strafzaak, vernietigde het hof ook het vonnis in de ontnemingszaak en verwees deze eveneens terug.
Het arrest werd uitgesproken door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 19 december 2024. De voorzitter was niet in staat het arrest mede te ondertekenen.
Uitkomst: Het gerechtshof vernietigt het vonnis en wijst de straf- en ontnemingszaak terug naar de rechtbank wegens schending van artikel 48 Sv.