ECLI:NL:GHAMS:2024:689
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.E. van der Werff
- J.C.W. Rang
- M. Mieras
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake beroep op huurbescherming bij opzegging huurovereenkomst
De zaak betreft een geschil tussen de bewindvoerder van [X] en de huurder [geïntimeerde] over het beëindigen van een huurovereenkomst van een woning in [plaats]. De bewindvoerder had de huurovereenkomst opgezegd en vorderde ontruiming, stellende dat het beroep op huurbescherming onaanvaardbaar is. De kantonrechter wees deze vordering af en oordeelde dat de huurovereenkomst voor onbepaalde tijd was voortgezet.
In hoger beroep richtte de bewindvoerder zich uitsluitend tegen het oordeel dat het beroep op huurbescherming niet onaanvaardbaar is. Zij voerde aan dat de verhuur uit nood was geboren, dat sprake was van een vriendendienst, en dat de medische en financiële situatie van [X] en het negatieve rendement van de verhuur een beroep op huurbescherming onaanvaardbaar maken. Tevens stelde zij dat de regel 'koop breekt geen huur' onder omstandigheden doorbroken kan worden.
Het hof oordeelde dat onvoldoende aannemelijk was dat de verhuur uit nood of als vriendendienst plaatsvond en dat de huurder niet op de hoogte was van een verkoopvoornemen. De medische en financiële situatie van [X] en het beperkte negatieve rendement rechtvaardigden geen ander oordeel. Ook de aangeboden verhuiskostenvergoeding deed hieraan niet af. De regel 'koop breekt geen huur' werd niet doorbroken omdat de woning nog niet was verkocht. Het hof bekrachtigde het vonnis en veroordeelde de bewindvoerder in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat het beroep op huurbescherming niet onaanvaardbaar is en wijst het hoger beroep van de bewindvoerder af.