ECLI:NL:GHAMS:2024:947
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verlof tot tenuitvoerlegging arbitraal vonnis tussen GPGC Limited en de Republiek Ghana
GPGC Limited, een Ghanees energiemaatschappij, en de Republiek Ghana zijn betrokken bij een geschil over de uitvoering van een overeenkomst tot verplaatsing en exploitatie van elektriciteitscentrales. Ghana zegde de overeenkomst voortijdig op, waarna GPGC arbitrage startte in het Verenigd Koninkrijk. Op 26 januari 2021 wees de arbitrage een vonnis toe aan GPGC, inclusief een aanzienlijke schadevergoeding en rente. Ghana heeft gedeeltelijke betalingen verricht, maar blijft een groot bedrag schuldig.
GPGC verzocht het Gerechtshof Amsterdam om verlof tot tenuitvoerlegging van het arbitraal vonnis in Nederland. Ghana verscheen niet in de procedure. Het hof oordeelde dat het verzoek aan de formele vereisten voldoet, ondanks het ontbreken van het originele arbitragecontract, en dat er geen gronden zijn om de tenuitvoerlegging te weigeren. Ghana heeft geen verweer gevoerd tegen het verzoek.
Het hof verleent daarom het verlof tot tenuitvoerlegging en veroordeelt Ghana in de proceskosten. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en bevestigt dat het arbitraal vonnis onherroepelijk is geworden.
Uitkomst: Het hof verleent verlof tot tenuitvoerlegging van het arbitraal vonnis en veroordeelt Ghana in de kosten.