ECLI:NL:GHAMS:2025:1751
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen ontruimingsvordering wegens ondergeschikte shisha-aanbieding in eetcafé
In deze zaak stond een vordering tot ontruiming van een bedrijfsruimte centraal, waarbij de verhuurder stelde dat de huurder de ruimte niet overeenkomstig de contractuele bestemming als eetcafé gebruikte. De kantonrechter had de vordering deels toegewezen, maar het hof Amsterdam vernietigde dit vonnis in hoger beroep.
Het hof overwoog dat een ontruiming een ingrijpende maatregel is die terughoudend moet worden toegepast, zeker in kort geding waar geen diepgaand feitenonderzoek mogelijk is. Het ondergeschikte aanbieden van shisha werd niet als strijdig met de bestemming aangemerkt, mede omdat dit niet in strijd is met gemeentelijke regels. Andere verwijten, zoals het indienen van valse bewijsstukken en het exploiteren zonder vergunning, waren onvoldoende bewezen en behoorden tot de feiten die in een bodemprocedure moeten worden onderzocht.
Het hof concludeerde dat geen sprake was van een tekortkoming die ontbinding en ontruiming rechtvaardigt. Daarom wees het de vordering tot ontruiming af en vernietigde het het bestreden vonnis. Tevens werd de boete geheel afgewezen. De proceskosten werden aan de zijde van de verhuurder veroordeeld. De incidentele vordering tot schorsing van de uitvoerbaarheid werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wordt afgewezen en het bestreden vonnis vernietigd.