ECLI:NL:GHAMS:2025:2529
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ontslag dochter als bewindvoerder en benoeming professionele bewindvoerder
De zaak betreft het hoger beroep tegen het ontslag van de dochter als bewindvoerder over de goederen van haar moeder, de betrokkene, die lijdt aan een uitgebreide neurocognitieve stoornis. De kantonrechter had de dochter ontslagen en Auxilium benoemd als opvolgend bewindvoerder. De dochter betwist dit en wil haar rol behouden of een andere onafhankelijke bewindvoerder benoemd zien.
In de procedure heeft het hof vastgesteld dat de communicatie tussen de dochter en betrokkene ernstig verstoord is, waardoor een noodzakelijke samenwerking niet mogelijk is. Ondanks dat de dochter haar taken naar behoren heeft uitgevoerd, zijn er gewichtige redenen voor ontslag, omdat het belang van betrokkene voorop staat en zij de voorkeur uitspreekt voor een professionele bewindvoerder.
Het hof oordeelt dat de kantonrechter terecht heeft besloten tot ontslag en benoeming van Auxilium. Er is geen bewijs van tekortkoming door Auxilium en de samenwerking tussen dochter en bewindvoerder blijft moeizaam. Het beroep op schending van het EVRM faalt omdat de maatregelen noodzakelijk en proportioneel zijn. Het verzoek tot schorsing wordt afgewezen en de beschikking wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het ontslag van de dochter als bewindvoerder en bevestigt de benoeming van Auxilium als opvolgend bewindvoerder.