Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHAMS:2025:2753

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
26 september 2025
Publicatiedatum
14 oktober 2025
Zaaknummer
23-001974-24
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verdachte niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep strafzaak

Op 26 september 2025 heeft het gerechtshof Amsterdam uitspraak gedaan in het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter te Amsterdam van 29 augustus 2024. Verdachte had hoger beroep ingesteld, maar heeft dit beroep op 25 september 2025 ingetrokken. Hierdoor heeft het hof de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep.

Het hof heeft overwogen dat, nu verdachte het hoger beroep niet wenst te handhaven en geen rechtens te respecteren belang bij nadere behandeling is gebleken, toepassing wordt gegeven aan artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Hierdoor kan het hoger beroep niet inhoudelijk worden behandeld.

De uitspraak is gedaan door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarbij drie rechters zitting hadden. Het arrest is uitgesproken tijdens de openbare terechtzitting van 26 september 2025.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens intrekking en gebrek aan belang.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-001974-24
datum uitspraak: 26 september 2025
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 29 augustus 2024 in de strafzaak onder de parketnummers 13-275577-24, 23-002606-23 (TUL) en 23-002372-23 (TUL) tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 1970,
adres: [adres] .

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
26 september 2025.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Blijkens de akte intrekken hoger beroep van 25 september 2025 wenst de verdachte het hoger beroep niet te handhaven, zodat hij geacht moet worden de eerder tegen het vonnis opgegeven bezwaren in te trekken. Daarom zal hij, nu ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig nader onderzoek van de zaak, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. W.J. Blokland, mr. A.M. Koolen - Zwijnenburg en mr. H.A. Stalenhoef, in tegenwoordigheid van mr. C. van der Laan, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 26 september 2025.