ECLI:NL:GHAMS:2025:3371
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding griffierecht bij klacht tegen notaris
Appellant diende op 30 september 2025 een beroepschrift in tegen een beslissing van de kamer voor het notariaat. Het hof stuurde op 3 oktober 2025 een nota met het verzoek het griffierecht van €50 binnen 28 dagen te betalen. Na een herinnering op 3 november werd het griffierecht pas op 20 november voldaan, buiten de gestelde termijn.
Het hof gaf appellant vervolgens de gelegenheid om schriftelijk te reageren op de late betaling. De gemachtigde van appellant gaf aan dat hij het griffierecht vrijwillig voor zijn zwager betaalde en door drukte met de verkoop van zijn bedrijf niet eerder kon betalen.
Het hof oordeelde dat deze omstandigheden geen geldige reden zijn om de termijnoverschrijding te verontschuldigen. Volgens de wet is tijdige betaling van het griffierecht verplicht en de gemachtigde dient daarvoor zorg te dragen. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard en niet inhoudelijk behandeld.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te late betaling van het griffierecht.