ECLI:NL:GHAMS:2025:3394
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging eenhoofdig gezag moeder in belang minderjarige na beëindiging gezamenlijk gezag
De zaak betreft het gezag over een driejarige minderjarige na de echtscheiding van haar ouders. De rechtbank had het gezamenlijk gezag beëindigd en de moeder eenhoofdig gezag toegekend. De vader ging hiertegen in hoger beroep en verzocht het gezamenlijk gezag te behouden. De moeder en de Raad voor de Kinderbescherming steunden de beslissing van de rechtbank.
Tijdens de zitting bleek dat de ouders ernstige communicatieproblemen hebben, mede door een belast verleden met huiselijk geweld en een verblijf van de moeder in een vrouwenopvang. De vader heeft beperkt fysiek contact met het kind onder begeleiding en telefonisch contact. De communicatie verloopt via een begeleide WhatsApp-groep, zonder direct contact tussen ouders. Dit belemmert het gezamenlijk nemen van belangrijke gezagsbeslissingen.
Het hof oordeelt dat gezamenlijk gezag het uitgangspunt is, maar dat dit alleen werkt als ouders in staat zijn om gezamenlijk beslissingen te nemen zonder dat het kind klem raakt. Gezien de structurele communicatieproblemen en het belang van het kind, is het noodzakelijk dat de moeder het eenhoofdig gezag krijgt. Dit betekent niet dat de vader geen rol mag spelen; omgang en informatievoorziening blijven belangrijk. Het hof bekrachtigt daarom de bestreden beschikking.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het besluit om het gezamenlijk gezag te beëindigen en de moeder het eenhoofdig gezag toe te kennen in het belang van de minderjarige.