Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
- [bedrijf 1] ( [land 1] , hierna: [bedrijf 1] )
- [bedrijf 2] ( [land 2] , hierna: [bedrijf 2] )
- [bedrijf 3] ( [land 3] , hierna: [bedrijf 3] )
- [bedrijf 4] ( [land 4] , hierna: [bedrijf 4] )
indirecte vertegenwoordiging verleend aan belanghebbende. Belanghebbende heeft echter alle aangiften ingevuld als waren zij in eigen naam en voor eigen rekening gedaan.
- Kopie aangifte IMA;
- Inlichtingenblad INF5;
- Factuur, en
- Klantinstructies.
3.1 Vertegenwoordiging
3.Geschil in hoger beroep
4.Beoordeling van het geschil
- zij beschikte over de inlichtingenbladen INF5 waaruit blijkt wie de vergunninghouder is en wie, in voorkomend geval, de tot invoer gemachtigd importeur is ( [bedrijf 5] en [bedrijf 6] , zie 2.4) en heeft deze inlichtingenbladen INF5 telkenmale ook fysiek aan de douane overgelegd;
- belanghebbende beschikte ten tijde van het doen van de aangiften voor alle zendingen over inklaringsinstructies, óf van de vergunninghouder zelf ( [bedrijf 1] en [bedrijf 2] ) óf van de importeur die door de vergunninghouder is gemachtigd de goederen onder de regeling te plaatsen ( [bedrijf 5] en [bedrijf 6] );
- zij beschikte over de handelsfactuur, en
- zij was in staat de goederen bij de douane aan te brengen of te doen aanbrengen.
eeniederdie de veredelingsproducten weer zou willen invoeren in de EU, nog daargelaten dat deze uitsluiting van de vrijstelling niet als een uit de aanvaarding van de aangifte voortvloeiende ‘verplichting’ kan worden aangemerkt.
5.Kosten
6.Beslissing
de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad www.hogeraad.nl.
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag. Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie www.hogeraad.nl).
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag.