ECLI:NL:GHAMS:2025:915
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kinderalimentatie: vernietiging ingangsdatum en vaststelling bijdrage
Deze zaak betreft een hoger beroep van de man tegen een beschikking van de rechtbank die hem verplichtte kinderalimentatie van €510,80 per maand te betalen aan de vrouw voor twee minderjarige kinderen. De man betwistte de ingangsdatum en de hoogte van de bijdrage.
Het hof oordeelt dat de ingangsdatum van de wijziging van de kinderalimentatie niet 1 februari 2023 is, zoals de rechtbank bepaalde, maar 28 september 2023, de datum van het verzoekschrift van de vrouw. Dit omdat de man onvoldoende medewerking verleende aan het verstrekken van financiële gegevens en de vrouw hem tijdig had verzocht deze te overleggen.
De behoefte van de kinderen en de draagkracht van beide ouders zijn berekend. De totale draagkracht van de ouders is voldoende om in de behoefte van de kinderen te voorzien. De bijdrage van de man wordt vastgesteld op €510,80 per maand vanaf 28 september 2023. Bij meerderjarigheid van de oudste kind per 10 maart 2025 wordt de bijdrage gesplitst en rechtstreeks aan het meerderjarige kind voldaan.
Het hof vernietigt de bestreden beschikking voor wat betreft de ingangsdatum, wijzigt deze en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Terugbetaling van teveel betaalde alimentatie wordt niet gevorderd omdat deze ten behoeve van de kinderen is gebruikt.
Uitkomst: De ingangsdatum van de kinderalimentatie wordt vastgesteld op 28 september 2023 en de bijdrage op €510,80 per maand, met aanpassing bij meerderjarigheid van het oudste kind.