ECLI:NL:GHAMS:2026:1468
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek toelating schuldsaneringsregeling wegens onherroepelijke veroordeling en onvoldoende gedragsverandering
De appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland dat zijn verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling afwees. Hij voerde aan dat hij zich zal houden aan de verplichtingen van de regeling en dat hij een gedragsverandering heeft doorgemaakt, onder meer door het afronden van een training cognitieve vaardigheden en het uitschrijven van zijn onderneming.
Het hof overweegt dat de appellant binnen vijf jaar voorafgaand aan het verzoek onherroepelijk is veroordeeld voor poging tot afpersing en diefstal met geweld, met een opgelegde schadevergoeding. Deze veroordeling staat aan toelating tot de schuldsaneringsregeling in de weg. Het beroep op de hardheidsclausule wordt verworpen omdat onvoldoende is gebleken van een duurzame gedragsverandering en omdat de appellant een niet saneringsgezinde houding heeft getoond, onder meer door het niet volledig uitvoeren van een taakstraf en het niet aantoonbaar zoeken naar arbeid.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling af. De appellant wordt aangemoedigd om zijn persoonlijke situatie verder te stabiliseren en kan op termijn een nieuw verzoek indienen indien zijn situatie verbetert.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling wordt niet toegewezen vanwege een recente onherroepelijke veroordeling en onvoldoende gedragsverandering.