ECLI:NL:GHAMS:2026:1821
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep: termijnoverschrijding herstelexploot en tussentijds cassatieberoep toegestaan
In deze civiele procedure tussen LOVÉBA GROEP B.V. en Stichting De Boetzelaer stond de vraag centraal of het herstelexploot, dat een dag te laat was betekend, alsnog ontvankelijk kon worden verklaard. De dagvaarding in hoger beroep was niet tijdig ingediend tegen de oorspronkelijke rechtsdag, maar het herstelexploot en de dagvaarding waren wel tijdig voor de nieuwe rechtsdag ingediend.
Appellante voerde aan dat de vertraging veroorzaakt was door een fout van de gerechtsdeurwaarder en dat geïntimeerde niet onredelijk in haar belangen was geschaad, mede omdat zij steeds op de hoogte was gehouden van de gewijzigde procedurele planning. Geïntimeerde stelde dat de termijnoverschrijding de aanhangigheid van het geding had doen vervallen en dat geen uitzondering op de wettelijke termijn mogelijk was.
Het hof oordeelde dat onder de gegeven omstandigheden de termijnoverschrijding niet tot onredelijke belangenbeschadiging had geleid en dat het gerechtvaardigd was voorbij te gaan aan de termijn. Tevens wees het hof het verzoek van geïntimeerde om terug te komen op de rolbeslissing af en stond het tussentijds cassatieberoep toe, ondanks mogelijke vertragingen, vanwege het belang van duidelijkheid over de procesrechtelijke kwestie.
De zaak is verwezen naar de rol voor memorie van grieven en verdere beslissingen zijn aangehouden.
Uitkomst: Het hof gaat voorbij aan de termijnoverschrijding van het herstelexploot en staat tussentijds cassatieberoep toe.