Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[appellant 1] ,
[appellant 2],
1.[geïntimeerde 1] ,
[geïntimeerde 2],
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep
3.Feiten
(…)
c. Hij is voornemens het Verkochte te gaan gebruiken als woning.
(…)
(…)
4.Procedure bij de rechtbank
5.Hoger beroep
6.Beoordeling
“(…) wij waren echt niet op de hoogte dat de buren offertes hadden aangevraagd voor herstel van de fundering.”. Met de melding dat [appellanten] er niet van op de hoogte waren dat de buren offertes hadden aangevraagd, hebben zij niet betwist dat hen is meegedeeld dat de buren herstelplannen hadden. Op geen enkel moment gedurende de WhatsApp-correspondentie (die meerdere dagen heeft bestreken) heeft [naam 1] , in reactie op de (consistente) berichten van [naam 2] , geantwoord dat zij en haar man in het geheel niets over de plannen van de buren hebben meegedeeld.
“Bouwkundige kwaliteitsgebreken worden geacht niet belemmerend te werken op het in artikel 6 lid Pro c omschreven door Koper voorgenomen gebruik van het Verkochte.”. Ook deze bepalingen, waarover partijen uitdrukkelijk met elkaar hebben gecommuniceerd, moeten worden geacht de verwachtingen van [appellanten] te hebben ingekleurd.