Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.De zaak in het kort
2.De procedure in hoger beroep
3.De feiten
- zolang [minderjarige 1] nog niet (op donderdag of vrijdag) naar de (voor)school gaat, de vader [minderjarige 1] bij zich heeft van woensdag 13.00 uur tot zaterdag 16.00 uur, waarbij de moeder [minderjarige 1] bij de vader brengt en ophaalt; en
- vanaf de datum dat [minderjarige 1] (op donderdag of vrijdag) naar de (voor)school gaat, hij de ene week van donderdagmiddag uit school tot zondag 16.00 uur bij de vader verblijft en de andere week van donderdagmiddag uit school tot zaterdagmiddag 16.00 uur, alsmede de helft van de schoolvakanties en de feestdagen in onderling overleg tussen partijen te verdelen, waarbij de vader [minderjarige 1] op donderdag uit school haalt en de moeder [minderjarige 1] op zaterdag dan wel zondagmiddag bij de vader ophaalt.
"Artikel 2.3. Ouders zijn overeengekomen binnen een straal van 30 kilometer van de school
Artikel 2.7.
Bij een voorgenomen verhuizing zullen de ouders vooraf met elkaar in overleg treden. Uitgangspunt daarbij is dat de ouders binnen een straal van maximaal 30 kilometers van de school blijven wonen om de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken niet ernstig te verstoren. Waarbij uitgangspunt is het kind op te laten groeien in hun huidige leefomgeving, [gemeente] , dan wel een andere basisschool in de nabije omgeving".
4.De omvang van het hoger beroep
in het principaal hoger beroep, met vernietiging van de bestreden beschikking, alsnog haar inleidende verzoeken toe te wijzen.
in het principaal hoger beroepom de moeder niet-ontvankelijk te verklaren in haar verzoek althans dit verzoek af te wijzen.
in het incidenteel hoger beroepde vader niet-ontvankelijk te verklaren dan wel zijn verzoek af te wijzen.
5.De motivering van de beslissing
rechtstreeksgetroffen. Het hof merkt hem dan ook niet aan als belanghebbende, maar als informant.