Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende is eigenaar van een woonschip met een ligplaats aan een water en wal in Arnhem, waarvoor hij roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting werd opgelegd. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank, dat ongegrond werd verklaard, ging belanghebbende in hoger beroep tegen de aanslag en de uitspraak van de rechtbank.
De kern van het geschil betrof de vraag of bij de waardebepaling van het woonschip rekening mocht worden gehouden met de plaats en omgeving, en de verwachtingen omtrent het kunnen blijven liggen op die ligplaats. Belanghebbende stelde dat dit onterecht was en dat sprake was van dubbele heffing, omdat de ligplaats een onroerende zaak is die al wordt belast via de onroerendezaakbelasting.
Het hof oordeelde dat de heffingsambtenaar terecht alleen de waarde van het woonschip heeft bepaald, waarbij de plaats en omgeving als waardeverhogende factoren zijn meegenomen. Dit betekent niet dat de waarde van de ligplaats zelf is meegerekend. Ook al leidt dit ertoe dat de gecombineerde grondslagen hoger zijn dan de economische waarde van het samenstel, is er geen sprake van verboden dubbele heffing. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Het hof veroordeelde geen partij in de proceskosten en wees op de mogelijkheid tot cassatie binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het hof bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af, waarbij rekening mag worden gehouden met de plaats en omgeving bij de waardebepaling van het woonschip.