ECLI:NL:GHARL:2013:BZ0273
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bedrijfsruimte zonder sanitaire voorzieningen geen zelfstandig gedeelte voor WOZ
De Heffingsambtenaar van de gemeente Heumen stelde de waarde van een bedrijfsruimte van Stichting X vast en legde een aanslag onroerendezaakbelasting op. Belanghebbende maakte bezwaar, dat werd afgewezen, waarna zij in beroep ging bij de rechtbank Arnhem. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de beschikking en aanslag.
Het hof behandelde het hoger beroep van de Heffingsambtenaar tegen deze uitspraak. Kern van het geschil was of de bedrijfsruimte, bestaande uit twee studio’s, kantoorruimten en opslagruimte, kan worden aangemerkt als een zelfstandig gedeelte in de zin van artikel 16 Wet Pro WOZ. Belanghebbende stelde dit te ontkennen vanwege het ontbreken van sanitaire voorzieningen, terwijl de Heffingsambtenaar dit betwistte.
Het hof oordeelde dat het ontbreken van een toiletvoorziening essentieel is voor het gebruik als zelfstandige bedrijfsruimte en dat de aanwezigheid van toiletten elders in het gebouw niet voldoende is om van een zelfstandig gedeelte te spreken. Het hof bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de Heffingsambtenaar in de proceskosten van € 874.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige belastingkamer van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 22 januari 2013.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de bedrijfsruimte zonder toiletvoorzieningen geen zelfstandig gedeelte is en wijst het hoger beroep van de Heffingsambtenaar af.