ECLI:NL:GHARL:2013:BZ0274
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling waarde winkelpand volgens huurwaardekapitalisatiemethode na interne verbouwing
Belanghebbende stelde bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van een winkelpand aan de a-straat 1 te Q voor het jaar 2010, met waardepeildatum 1 januari 2009. De heffingsambtenaar had de waarde vastgesteld op €556.000, gebaseerd op een huurwaarde van €52.460. Belanghebbende betoogde dat de huurwaarde gelijk was aan de feitelijke huurprijs van €42.821, wat resulteerde in een lagere waarde.
Na een uitspraak op bezwaar en een uitspraak van de rechtbank die het bezwaar ongegrond verklaarden, stelde belanghebbende hoger beroep in bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Tijdens de zitting werd vastgesteld dat de huurwaardekapitalisatiemethode met een kapitalisatiefactor van 10,6 leidend was, maar partijen verschilden over de juiste huurwaarde.
Het hof oordeelde dat de heffingsambtenaar onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de hogere huurwaarde van €52.460 terecht was, mede omdat de interne verbouwing door de huurder onvoldoende onderbouwd was als reden voor een hogere huurwaarde. Belanghebbende had ook geen rekening gehouden met de verbouwing in haar lagere huurwaarde. Daarom stelde het hof de waarde in goede justitie vast op €490.000.
Het hof veroordeelde de heffingsambtenaar tot vergoeding van de proceskosten van belanghebbende en gelastte de gemeente Ede de betaalde griffierechten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door mr. B.F.A. van Huijgevoort, mr. R.F.C. Spek en mr. A.J.H. van Suilen op 22 januari 2013.
Uitkomst: De waarde van het winkelpand is vastgesteld op €490.000 en de heffingsambtenaar is veroordeeld in de proceskosten.