ECLI:NL:GHARL:2013:BZ8540
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gemeente beëindigt contract ondergrondse zelfpersende vuilcontainers; aansprakelijkheid en schadevergoeding
De gemeente Leidschendam-Voorburg sloot een contract met [appellanten] voor de levering en plaatsing van ondergrondse zelfpersende zelfpersende wisselcontainers verdeeld over twee percelen. Na een proefperiode en levering van een deelopdracht, besloot de gemeente de levering te beëindigen vanwege hogere kosten dan verwacht.
De gemeente stelde zich op het standpunt dat zij het contract zonder vergoeding mocht beëindigen op grond van onvoorziene omstandigheden, terwijl [appellanten] aanspraak maakten op schadevergoeding conform het contract en de UAV 1989. De rechtbank wees de gemeente toe te betalen schade toe, maar het hof vernietigde dit vonnis deels.
Het hof oordeelde dat de gemeente bevoegd was het contract op te zeggen, maar dat zij wel schadevergoeding moest betalen, waaronder winstderving over perceel 1 en een deel van perceel 2, alsmede kosten van een onderaannemer. De gemeente kon zich niet beroepen op onvoorziene omstandigheden omdat de hogere kosten een risico van de gemeente zelf waren. De vordering van [appellanten] tot een hogere algemene kostendekking werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De v.o.f. werd niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep.
De gemeente werd veroordeeld tot betaling van een bedrag van €141.017,45 minus reeds betaalde termijnen, resulterend in een netto bedrag van €21.312,05 met wettelijke rente. Proceskosten werden grotendeels gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De gemeente mocht het contract opzeggen maar is schadevergoeding aan [appellanten] verschuldigd, waarbij een deel van de gevorderde kosten werd toegewezen en een deel afgewezen.