ECLI:NL:GHARL:2013:BZ8802
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen nieuwe reguliere pachtovereenkomst na mondelinge bereidheid verpachter
In deze zaak stond centraal of tussen partijen een nieuwe pachtovereenkomst was gesloten voor de periode vanaf 1 december 2009. De appellant gebruikte gronden die hij eerder aan MVJ had verpacht, maar MVJ had deze gronden verkocht en wenste de vrije beschikking over het land.
De appellant stelde dat er mondeling in juni 2009 een nieuwe pachtovereenkomst was overeengekomen, maar het hof oordeelde dat deze mondelinge bereidheid niet kon worden opgevat als een aanbod tot het aangaan van een reguliere pachtovereenkomst. MVJ had een schriftelijk aanbod gedaan voor een geliberaliseerde pachtovereenkomst, dat niet werd aanvaard.
Het hof achtte het onwaarschijnlijk dat partijen een nieuwe reguliere pachtovereenkomst waren aangegaan en vond het beroep van appellant op pachtbescherming naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar, mede gezien de verkoop van het land en het belang van MVJ om na aankoop de vrije beschikking te hebben.
De vordering tot ontruiming en betaling van gebruiksvergoeding werd grotendeels toegewezen, en het hoger beroep van appellant werd afgewezen. Het vonnis van de rechtbank Limburg werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het hoger beroep van appellant af wegens het ontbreken van een nieuwe reguliere pachtovereenkomst.