ECLI:NL:GHARL:2013:BZ8853
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep winst uit onderneming versus resultaat uit overige werkzaamheden VAR-asbestverwijderaar
Belanghebbende, werkzaam als asbestverwijderaar, had een VAR aangevraagd die door de Inspecteur aanvankelijk als loon uit dienstbetrekking werd gekwalificeerd. Na bezwaar werd dit gewijzigd in resultaat uit overige werkzaamheden (VAR-row). Belanghebbende ging in beroep bij de rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde belanghebbende hoger beroep in bij het gerechtshof.
Tijdens het hoger beroep werd vastgesteld dat belanghebbende voor meerdere opdrachtgevers werkt, zelf acquisitie verricht, debiteurenrisico loopt en zijn uurtarief bepaalt. Hoewel hij onder toezicht staat van een Deskundig Toezichthouder Asbestverwijdering vanwege wettelijke voorschriften, beperkt dit niet de zelfstandigheid van zijn onderneming. Het hof oordeelde dat deze wettelijke beperkingen voortvloeien uit de aard van het werk en niet uit de wens van opdrachtgevers tot controle.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en de uitspraak van de Inspecteur, en kwalificeerde de werkzaamheden als winst uit onderneming. Tevens werd de Inspecteur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten. De uitspraak werd openbaar gedaan op 16 april 2013.
Uitkomst: De werkzaamheden van belanghebbende worden aangemerkt als winst uit onderneming en niet als resultaat uit overige werkzaamheden.